|

Hard, rauw en teder

Met haar debuut Staal haalde de Italiaanse schrijfster Silvia Avallone zich de woede van de inwoners van het stadje Piombino op het lijf. Maar de rest van Italië viel en bloc voor Avallone’s vertelkunst en katapulteerde Staal hoog in de bestsellerlijsten.

Het is juni 2001 en de zon brandt ongenadig hard op Piombino, een industriestadje aan de Toscaanse kust met zicht op het eiland Elba. Dat paradijselijk eiland is voorbehouden voor de rijke toeristen; de staalarbeiders van Piombino hokken samen in grijze appartementscomplexen. Hier groeien de dertienjarige Anna en haar onafscheidelijke vriendin Francesca op, de hoofdpersonages uit Staal, het overdonderende debuut van de jonge Italiaanse filosofe Silvia Avallone. In de gangen van het appartementsgebouw waar Anna en Francesca wonen, geurt het niet naar Toscaanse olijfgaarden, maar stinkt het naar urine. Op de binnenplaats slingeren gebruikte injectienaalden rond. Op het strand aan de Via Stalingrado waar de meisjes hun zomerdagen doorbrengen, komen de afvoerpijpen van de riolering in zee en ligt er afval en roest. Als hun vaders niet op de staalfabriek de ziel uit hun lijf aan het werken zijn of hun gokverslaving botvieren, liggen ze voor hun tv te baden in hun eigen zweet, zappend van het ene kanaal naar het andere. Koortsig op zoek naar “de assistentes, die sloeries die de exacte tegenpool waren van hun eigen vrouw.” Of bespieden ze van op het balkon met een verrekijker hun eigen dochters op het strand. Zoals Enrico, Francesca’s vader, die er op kickt om het veranderende lichaam van zijn puberdochter te begluren. “De kleine Francesca had een kont tevoorschijn getoverd en een paar brutale tieten. De botten van haar bekken hadden zich gebogen en met haar boezem en botten een glijbaan gevormd. En hij was haar vader.”

In Staal zijn alle clichés over het goede en rijke leven onder de Toscaanse zon ver zoek. Staal is rauw, hard én teder. Avallone geeft ons een ongecensureerde, eerlijke inkijk in het dagelijkse leven van de Italiaanse arbeidersklasse. Piombino is een vunzige, stinkende plek, een ideaal woonoord voor junks. Anna en Francesca voelen zich er helemaal thuis. Die verknochtheid aan hun smerige stad lijkt op een bizarre vorm van loyaliteit: als Anna op haar eigen geboorteplaats zou spuwen, “was het alsof ze op zichzelf spuwde.”

Piombino is een plaats waar geen enkele inwoner uit kan ontsnappen. De hoogovens en de staalfabriek zijn het ware leven. De Porsche Cayennes en zonnebrillen van de glimmende Duitse en Milanese toeristen op Elba zijn onbereikbare luchtbespiegelingen. De mooie, jonge meisjes Anna en Francesca lijken voorbestemd om binnen een paar jaar in het huwelijksbootje te stappen met een aan coke verslaafde staalarbeider. In afwachting van een troosteloos volwassen leven zoals dat van hun ouders, ‘gebruiken’ ze hun steeds vrouwelijker wordende lichaam om een beetje spanning in hun bestaan te brengen. Zo ‘verzorgen’ ze voor het verlichte raam van de badkamer samen peepshows voor de geile kerels uit de buurt. “Lisa’s oom zette speciaal de wekker om zich af te trekken op die twee meiden van dertien in het gebouw aan de overkant.” Als Francesca op Anna verliefd wordt, lijkt dat hun leven totaal te zullen veranderen.

Silvia Avallone werd voor haar debuut meteen genomineerd voor de Premio Strega, de meest prestigieuze Italiaanse literatuurprijs. Ze eindigde uiteindelijk als tweede, na de ervaren schrijver Antonio Pennacchi met zijn roman Canale Mussolini. Avallone’s nominatie was zeer terecht, want Staal is een uitstekende roman. Al zijn de echte inwoners van Piombino het daar alvast niet mee eens. Tijdens een boekpresentatie in het industriestadje werd de schrijfster door woedende inwoners uitgescholden. Ze pikten het niet dat ze in Staal geportretteerd werden als ‘hoeren en cokeverslaafden’ en riepen hun medeburgers op om het boek te vernietigen. “Staal is fictie,” reageerde Avallone later in de krant Corriera della Serra. “Het is geen historisch werk. Er is trouwens geen Via Stalingrado in Piombino. Die vind je alleen maar in Bologna.”

 

Silvia Avallone

Geboren op 11 april 1984 in Biella in het noorden van Italië.

Ze haalde een master filosofie aan de universiteit van Bologna en volgt er nu lessen literatuur.

In 2007 verscheen haar eerste, nog niet vertaalde, poëziebundel Il libro dei vent’anni, ‘Het boek van twintig jaar’. Een jaar later werd die bundel bekroond met de Premio Alfonso Gatto.

Staal (2010) is haar romandebuut. Naast haar nominatie voor de Premio Strega, won ze er ettelijke andere Italiaanse literaire prijzen mee.

Silvia Avallone, Staal, vertaald door Manon Smits, De Bezige Bij, Amsterdam, 352 blz., 19,90 euro, ISBN 978-90-234-5822-7

© Jan Stevens

Vergelijkbare berichten

  • |

    Levenslang vechten tegen de haat

    De Joods-Tsjechische concertpianiste Alice Herz-Sommer werd deze maand 104. Als jong meisje wandelde ze met huisvriend Franz Kafka door Praag, als jonge vrouw beleefde ze concerttriomfen en als jonge moeder werd ze gedeporteerd naar Theresienstadt. Ze verloor haar man en haar moeder in de holocaust. “Toch haat ik niemand.” Een gesprek met Kafka’s laatst levende…

  • |

    Heerlijke nieuwe wereld

    David Bezmozgis was zeven toen hij in 1980 met zijn ouders vanuit Riga in de toenmalige Sovjet-Unie naar het Canadese Toronto migreerde. Die grote oversteek heeft een blijvende indruk nagelaten. In 2004 debuteerde hij met de verhalenbundel Natasja, waarin hij in korte episodes het grotere verhaal vertelt van de migrantenfamilie Berman. In zijn roman De…

  • Big history

    Een paar jaar geleden startte historicus David Christian met de centen van Bill Gates zijn Big History Project. Via breed uitwaaierende, ‘alles omvattende’ lessen geschiedenis wil hij middelbare schoolstudenten de weg wijzen naar de zin van hun bestaan. “Jongeren snakken naar een samenhangend verhaal over het ontstaan van het leven. Op school krijgen ze dat…

  • Quilliam

    Groot-Brittannië was lang een gastvrije haven voor islamisten. Vandaag is de Britse overheid hen liever kwijt dan rijk. Samen met de Quilliam Foundation – een anti-islamistendenktank gerund door ex-islamisten – probeert ze radicalisering onder jonge moslims te bestrijden. Straathoekwerker Usman Raja gaat de rechtstreekse confrontatie met de extremisten aan. “Het vuil zit heel diep.”  …

  • |

    Van rood naar zwart

    Met zijn imposante historische familiekroniek Het Mussolinikanaal won Antonio Pennacchi vorig jaar de belangrijkste Italiaanse prijs Premio Strega. De allereerste zin, ‘mooi of niet, dit is het boek waarvoor ik ter wereld ben gekomen’, maakt al meteen duidelijk dat Pennacchi met deze epische roman zijn magnum opus heeft willen schrijven. In Het Mussolinikanaal reconstrueert hij…

  • Op zoek naar de bloederige ziel van het terrorisme

    In het pas verschenen Bloed en Woede schetst Michael Burleigh de geschiedenis van het moderne terrorisme. Hij schuwt daarbij de controverse niet. Zo noemt hij terroristen ideologische nitwits en steekt hij een vermanende vinger uit naar supporterende, ‘weldenkende’, intellectuelen. Met Bloed en woede als leidraad gaat Knack op zoek naar verleden, heden en toekomst van…